RINO Vlaanderen biedt voor het voorjaar 2012 de volgende opleidingsinitiatieven aan:
De Psychodynamic Diagnostic Manual (PDM) behandelt de diverse klinische beelden die we ook in de meer klassieke classificatiesystemen aantreffen, zoals de DSM-IV. De PDM reserveert - anders dan de DSM-IV – een even groot deel voor klinische beelden van de kindertijd en de adolescentie. Verder worden etiologische perspectieven en behandelmogelijkheden toegevoegd, sterk gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek naar ontstaan en proces van een klinisch beeld en naar effect van behandeling. De nadelen van het a-theoretische adagium van de klassieke classificatiesystemen worden in de PDM dus opgevangen door op basis van empirisch onderzoek uit te wijden over het ontstaan en de behandeling van een klinisch beeld.
Data
14 februari 2012
Locatie
Leuven
Docent
Prof.Dr. Patrick Meurs
In de adolescentie kunnen problemen in de persoonlijkheidsontwikkeling ernstig escaleren: zelfverwonding, suïcidaliteit, middelenmisbruik, schoolverzuim, opstapelende conflicten thuis. Deze opleidingsdagen richten zich op deze doelgroep van zeer moeilijke adolescenten. Vragen die daarbij aan de orde zijn: kan je bij deze jongeren spreken van persoonlijkheidspathologie? Welke instrumenten hebben we om deze persoonlijkheidsproblemen in kaart te brengen? Welke behandelperspectieven zijn er voor deze jongeren? Hoe zet je het ruimere behandelkader uit voor deze doelgroep, rekening houdend met de leeftijdsfase waarin deze jongeren zich bevinden én met hun ernstige pathologie? Hoe installeer én behoud je een therapeutische relatie met deze moeilijke adolescenten?
Data
17 februari, 16 maart, 20 april 9u30-16u30
Locatie
Leuven
Docenten
Dr. Joost Hutsebaut, Dineke Feenstra, Dr. Leen Van Compernolle, Dr. A. Pepermans & Caroline Vanderhallen, Els Roeykens, Jan Vandeputte
Druk en impulsief gedrag komen frequent voor bij peuters en kleuters, en blijft soms hardnekkig doorspelen in de volgende jaren. Dergelijk gedrag kan ouders voor de lastige klus plaatsen om de interacties positief te houden en kan de integratie in de kleuterschool bemoeilijken. De vraag naar ADHD of DCD rijst al gauw. Maar hoe kan je daar vanuit ontwikkelings- en psychodynamisch perspectief anders naar kijken? Verwijst dergelijk druk gedrag enkel naar een dysfunctie van het brein, die eventueel verholpen kan worden met medicatie? Loont het dit gedrag ook te begrijpen als het resultaat van een persoonlijke geschiedenis van rijpen, leren en kiezen? Aandacht, zelfsturing en impulsbeheersing kunnen immers gediagnosticeerd worden als processen met diverse componenten. De regulatie van aandacht, sensorimotorische integratie en affect is ook het resultaat van een levenslange interactie tussen constitutionele factoren en relationeel aanbod. Vanuit dit samenspel ontstaat een unieke persoonlijkheid. Ook het drukke en impulsieve kind is in de eerste plaats een kind met een specifieke biologische toerusting dat betekenis verleent aan wat het meemaakt en aan de voortdurende interactie met zijn omgeving. In deze cursus wordt aandacht besteed aan auteurs die vanuit deze brede en vernieuwende inzichten het denken hebben verrijkt. Besproken wordt welke nieuwe perspectieven dit kan bieden voor de behandeling van jonge kinderen en de ondersteuning van de ouders.
Data
27 februari en 12 maart - 9u30-16u30
Locatie
Leuven
Docent
Guy Couturier
Een psychodiagnostisch proces waarin men de beleving van een kind in kaart wil brengen,ontvouwt zich niet vanzelf. Vertrekkend van een psychodynamische reflectie over symptomen en de vragen van het gezin of de context, zoekt de diagnosticus een opstelling en een passend relatieaanbod waarbinnen hij soepel en interactief diagnostische instrumenten zal hanteren. Hoe stemt de diagnosticus zich tijdens een belevingsonderzoek af op de unieke betekenissen van het kind dat hij voor zich heeft? Hoe brengt hij een proces van verdiepend exploreren op gang dat de binnenwereld van een kind begrijpbaar maakt?
Data
5 maart, 26 maart, 7 mei, 4 juni 9u30-16u30
Locatie
Leuven
Docent
Sabine Kapcia, Martine Sucaet
Problemen met emotieregulatie staan centraal in het ontstaan en het in stand houden van psychopathologie. Diagnostische instrumenten om deze problemen te achterhalen zijn nog schaars. De I Feel Pictures Test is een instrument dat een belangrijk deelproces van de emotieregulatie, met name affectinterpretatie, meet. We gaan in deze opleiding in op de achtergronden, de afnameprocedure en de scoring. We oefenen met een aantal testprotocollen. We tonen ook hoe de resultaten van deze test helpen affectgerichte doelstellingen voor therapie te formuleren. De specificiteit van patronen van affectinterpretatie bij diverse vormen van psychopathologie bij kinderen en volwassenen wordt getoond. Ten slotte gaan we in op de bruikbaarheid van de I Feel Pictures bij het inschatten van verandering in een individuele therapie.
Data
Vrijdag 16 maart 2012 9u30-16u30
Locatie
Leuven
Docent
Prof. Dr. Patrick Meurs
Steeds vaker vormen psychofarmaca een onderdeel van de behandeling voor kinderen en jongeren met gedrags- en emotionele problemen. Voor wie niet is opgeleid binnen de medische wetenschappen, roept het werken met een kind dat medicatie krijgt een aantal vragen op. Waarom krijgt mijn cliëntje nu juist dit middel, wat doet het en welke neveneffecten kunnen zich voordoen? En... wat doen psychofarmaca in het algemeen eigenlijk? Wat kunnen we er wel en wat niet van verwachten? Tijdens deze cursusdag verschaffen twee kinder- en jeugdpsychiaters ons nuttige medische kennis over de werking van psychofarmaca. We krijgen inzage in hun besluitvorming over wat geïndiceerd is bij dit kind met deze symptomen en klachten, met deze problematiek en structuur, met dit gezin. Zij lichten toe hoe zij dit met ouders en kinderen bespreken, hoe ze de opstart en de werking ervan opvolgen en bijsturen. Tijdens een discussie gaan we verder in op vragen als: Hoe houden we rekening met de betekenis van het innemen van medicatie voor dit kind, voor dit gezin of deze opvoeders? Hoe hanteren we mogelijke weerstanden die leiden tot een niet correcte inname? Beïnvloedt medicatie naast gedrag ook de manier van denken en van voelen, de vorm waarin thema’s en conflicten in de therapie aan bod komen?
Data
Dinsdag 20 maart 2012 van 9u30 tot 16u30
Locatie
Leuven
Docent
Dr. Birgit Roosens, Dr. Marc Hermans
Preventief en hulpverlenend werk situeren zich in een multiculturele
samenleving, een wereld van diversiteit. Cultuursensitief handelen is dan
ook een belangrijke ethische opdracht van elke hulpverlener. Tegelijkertijd
ontmoeten hulpverleners van allochtone gezinnen en kinderen
een complexiteit die onzeker maakt. We gaan in deze vormingsdag in
op de beginselen van cultuursensitief handelen. We bespreken aan de
hand van concreet materiaal:
- de specifieke kwetsbaarheden die eigen zijn aan specifieke migratiegolven
- het verlies van culturele vanzelfsprekendheid, de gevolgen voor opvoeding
en ontwikkeling
- het herstel van cultuur als draagvlak en zingeving (cultuur als containment)
vanuit meegebrachte cultuur van herkomst en nieuw ontmoete westerse
cultuur
- de kwetsbare ontwikkelingstrajecten van allochtone kinderen en jongeren
- het intergenerationeel doorgeven van kwetsbaarheid en veerkracht in
allochtone gezinnen
- het moeizame evenwicht van oorsprongsgehechtheid en integratiegerichtheid
- de culturele overdracht en tegenoverdracht
- de impact van taalverschil en tolken/bemiddeling op het behandelproces
Data
Dinsdag 15 mei 2012 9u30-16u30
Locatie
Leuven
Docent
Prof. Dr. Patrick Meurs
Als kinderpsycholoog/kinderpsychiater sta je soms temidden van de praktijk en temidden van alle vragen die die oproept. Als je nog geen bijkomende therapeutische opleiding hebt genoten, zoek je je een weg om via praktijkervaring, literatuur, teamoverleg en supervisie kennis en kunnen inzake therapeutisch werk met kinderen, jongeren en hun gezin te vergroten en aan te scherpen. Of misschien is je therapie-opleiding al wat te lang geleden is, en ervaar je een vernieuwde nood aan overleg. Of je mist rondom je werk in je praktijksetting collega’s die kunnen meedenken vanuit een kindertherapeutisch perspectief. Supervisie in groep, waarin je gedurende 10 sessies eigen therapeutisch materiaal kan bespreken in interactie met andere zoekende collega’s en onder begeleiding van een ervaren kindertherapeut, kan een belangrijke ondersteuning bieden bij je professionele leerproces.
Data
Vanaf januari 2012 kunnen supervisiegroepjes
worden gepland. Een groepje
van max 4 personen gaat een engagement
aan voor 10 maandelijkse bijeenkomsten, bij
voorkeur op een vast moment in de week. Data
en uur worden in samenspraak vastgelegd.
Locatie
Leuven
Docent
Lieve Van Lier, Nicole Vliegen & Sus Weytens
Als kinderpsycholoog/kinderpsychiater werkzaam met baby’s en erg jonge kinderen, sta je soms voor vragen: Hoe kader je een probleem vanuit de ontwikkeling van dit specifieke kind? Hoe begrijp je een problematiek vanuit diagnostisch oogpunt? En hoe geef je je klinische en psychotherapeutisch aanbod vorm? Misschien mis je in je praktijksetting collega’s die mee helpen denken vanuit ontwikkelingspsychologisch, diagnostisch en therapeutisch perspectief? Zoek je een weg om via praktijkervaring, literatuur, overleg en supervisie kennis en kunnen inzake therapeutisch werk met zeer jonge kinderen en hun context te vergroten en aan te scherpen? Supervisie in groep, waarin je gedurende 10 sessies eigen therapeutisch materiaal kan bespreken in interactie met collega’s en onder begeleiding van een ervaren kindertherapeut- Infant Mental Health Specialist, kan een belangrijke ondersteuning bieden bij je professionele leerproces en groei.
Data
Vanaf januari 2012 kunnen supervisiegroepjes
worden gepland. Een groepje
van max 4 personen gaat een engagement
aan voor 10 maandelijkse bijeenkomsten
van 1u30, bij voorkeur op een vast moment in
de week. Data en uur worden in samenspraak
vastgelegd.
Locatie
Leuven
Docent
Prof. Dr Nicole Vliegen